
09.10.2006
Een duurzaam verblijfsrecht voor a-typische grensarbeiders!
In de Euregio Maas-Rijn is het niet ongebruikelijk dat iemand naar de andere kant van de grens verhuist, maar tegelijkertijd zijn werkplek en sociale leven in zijn land van herkomst behoudt. Deze groep mensen worden ook wel a-typische grensarbeiders genoemd.
Wanneer burgers van de Europese Unie gebruik willen maken van hun fundamentale recht van vrij verkeer, maar niet in deze andere lidstaat willen werken, dienen zij te beschikken over voldoende bestaansmiddelen. Dit om te voorkomen dat zij ten laste vallen van het sociale stelsel van hun land van ontvangst.
Deze laatste voorwaarde zorgde vooral voor a-typische grensarbeiders geruime tijd voor grote problemen. Zodra zij niet meer in hun eigen levensonderhoud konden voorzien, werden zij uit hun woonland gewezen. In de Euregio Maas-Rijn zorgde een recente wijziging van de duitse werkloosheidswet daarbij onverhoopt voor een verergering van de situatie (zoals wij eerder schreven in ons bericht over vrij verkeer met hindernissen).
De
nieuwe europese richtlijn aangaande het recht van vrij verkeer en verblijf van burgers van de Unie komt dus als geroepen om bijvoorbeeld werkloze a-typische grensarbeiders te behoeden voor een uitwijzing. Voornaamste pluspunt van de richtlijn is dat zij iedere burger van de Unie die gedurende een ononderbroken periode van vijf jaar legaal in het gastland heeft verbleven, een duurzaam verblijfsrecht verleent. Dit recht is aan geen enkele voorwaarde onderworpen, dus evenmin aan een bestaansmiddelenvereiste. Wanneer het duurzame verblijfsrecht eenmaal is verkregen, kan het slechts worden verloren door een afwezigheid van meer dan twee achtereenvolgende jaren uit het gastland. De richtlijn is in
Duitsland (pagina enkel beschikbaar in duits) officieel op 1 januari 2005 in werking getreden en in
Nederland op 1 mei 2006.
Helaas heeft België de richtlijn nog niet in belgisch recht omgezet (hetgeen overigens geen invloed heeft op diens rechtskracht). De richtlijn is namelijk voor de hele Europese Unie op 1 mei 2006 in kracht getreden. Het was desondanks nodig dat de TaskForce de Dienst Vreemdelingenzaken te Brussel moest informeren over deze nieuwe ontwikkeling. Uiteindelijk accepteerde de Dienst Vreemdelingenzaken na vele gesprekken de nieuwe stand van zaken. De nieuwe richtlijn werd onmiddelijk toegepast en het verzoek tot uitwijzing van de duitse burger, genoemd in ons laatste bericht, werd ingetrokken.
Als gevolg van onze interventie is de situatie van a-typische grensarbeiders nu verduidelijkt: waar zij ook wonen, na vijf jaar onafgebroken verblijf verkrijgen zij een duurzaam verblijfsrecht!